Wat begon als speeltuin om af en toe iets uit te proberen, werd uiteindelijk zijn magnum opus: losse schilderijtjes, op het vaste formaat 24 bij 18 centimeter, die al snel de overkoepelende titel Het lijden der mensheid kregen. Soms waren het studies voor een groter werk, maar ook maakte hij na afloop van dat grote werk nog wel eens kleintjes – voor overzichtelijke meeneemprijzen, zeker in de jaren dat hij weinig grote doeken verkocht. Vaak schilderde hij ze ook om een nieuwe techniek uit te proberen: olie, acryl, pastel, aquarel, Siberisch krijt, houtskool, potlood – alles komt langs in dit ‘panopticum van menselijke emoties’, gemaakt op doek, canvasboard, hout, MDF, hardboard, papier en karton. Dertienhonderd stuks waren er in 2015 te zien op zijn grootste expositie.




































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































































